Bij organisatieveranderingenwordt per functiegroep en vervolgens per leeftijdsgroep vastgesteld of er overtolligheid is. Dit wordt het ‘afspiegelingsbeginsel’ genoemd.

Toepassen van het afspiegelingsbeginsel

Het toepassen van het afspiegelingsbeginsel bestaat uit 8 stappen:

  1. Het vaststellen van het organisatieonderdeel voor het afspiegelingsbereik.
  2. Het vaststellen van het personeelsbestand. Dit gebeurt op basis van het volledige overzicht van alle ambtenaren die op de peildatum in dienst zijn en werkzaam zijn in of vanuit het organisatieonderdeel waar sprake is van overtolligheid.
  3. Het vaststellen van de categorie uitwisselbare functies waarbinnen sprake is van overtolligheid.
  4. Het vaststellen van het aantal ambtenaren in de categorie uitwisselbare functies.
  5. Het vaststellen in welke leeftijdsgroep deze ambtenaren zitten.
  6. Het vaststellen met hoeveel ambtenaren de categorie uitwisselbare functies moet inkrimpen.
  7. Het delen van het aantal ambtenaren binnen de leeftijdsgroep door het totaal aantal ambtenaren werkzaam in deze categorie uitwisselbare functies. En dat vervolgens vermenigvuldigen met het aantal ambtenaren waarmee de categorie uitwisselbare functies moet inkrimpen.
  8. Het per leeftijdsgroep bepalen welke ambtenaren als overtollig moeten worden aangemerkt. De ambtenaar met de kortste diensttijd als overheidswerknemer, wordt het eerste als overtollig aangewezen. Er is sprake van deze diensttijd als je was aangesteld of een arbeidsovereenkomst had met een publiekrechtelijk lichaam en rechtstreeks ten laste van dat publiekrechtelijk lichaam werd bezoldigd of beloond (artikel 2, eerste lid van de Wet privatisering ABP). De betreffende diensttijd hoeft niet aaneengesloten te zijn.

Bij de berekening van die diensttijd telt niet mee:

  • de tijd die niet in werkelijke dienst is doorgebracht. Bijvoorbeeld tijdens een periode van een WW-uitkering;
  • de tijd waarin je pensioen hebt opgebouwd bij een ander pensioenfonds dan het ABP. Hiervan kan de waarde door het ABP zijn overgenomen. Dit heet waardeoverdracht.

Heb je het bij het ABP opgebouwde pensioen overgedragen aan een ander pensioenfonds of afgekocht? En valt de diensttijd onder de definitie van diensttijd bij de overheid, zoals hierboven omschreven? Dan telt die diensttijd wel mee.

Bij stap 8 is een aantal bijzondere situaties te onderscheiden en er zijn uitzonderingen mogelijk.

Deze 8 stappen moeten door je werkgever op een heldere manier worden gezet en dit moet ook voor jou goed te volgen zijn. Het moet voor jou bijvoorbeeld mogelijk zijn om na te gaan waarom je als overtollig bent aangewezen.

Uitwisselbare functies

Uitwisselbare functies zijn functies zijn die vergelijkbaar zijn voor wat betreft:

  • functie-inhoud;
  • kennis en vaardigheden;
  • competenties;
  • omstandigheden bij deze aspecten;
  • niveau en beloning.

Het uitgangspunt is dat je vrijwel direct inzetbaar bent in de andere 'uitwisselbare functie'. Hierbij wordt vanzelfsprekend rekening gehouden met een zekere ‘overdrachtsperiode’ die nodig is om ingewerkt te raken in je nieuwe functie. Voor de ‘bepalende functie-eisen’ geldt een overdrachtsperiode van enkele dagen tot enkele weken. Dit zijn de eisen waar je tenminste aan moet voldoen om in de functie inzetbaar te zijn.

Het uitgangspunt is dat je vrijwel direct inzetbaar bent in de andere 'uitwisselbare functie'. Hierbij wordt vanzelfsprekend rekening gehouden met een zekere ‘overdrachtsperiode’ die nodig is om ingewerkt te raken in je nieuwe functie. Voor de ‘bepalende functie-eisen’ geldt een overdrachtsperiode van enkele dagen tot enkele weken. Dit zijn de eisen waar je tenminste aan moet voldoen om in de functie inzetbaar te zijn.

Leeftijdsgroepen

Binnen de vastgestelde categorieën uitwisselbare functies worden de betreffende medewerkers verdeeld in 5 leeftijdsgroepen.

  • van 15 tot en met 24 jaar;
  • van 25 tot en met 34 jaar;
  • van 35 tot en met 44 jaar;
  • van 45 tot en met 54 jaar;
  • 55 jaar en ouder.

AOW-gerechtigden vloeien bij overtolligheid als eerste af. Zij kunnen geen verplichte VWNW-kandidaat worden. Deze groep medewerkers wordt bij overtolligheid daarom ontslag verleend.

Meer informatie

Zie voor meer informatie de bijlage in de CAO Rijk: Regels vaststellen overtolligheid VWNW-beleid. Hierin vind je uitgebreide informatie over de toepassing van het afspiegelingsbeginsel inclusief voorbeelden, bijzonderheden en afwijkingen.